Integrale bekostiging
Integrale bekostiging kan het voor zorgaanbieders van verschillende disciplines eenvoudiger maken om de zorg samen te organiseren rondom de vraag van de patiënt. Vanaf 2010 kunnen zorgaanbieders een integraal tarief declareren voor patiënten met diabetes, een verhoogd risico op hart- en vaat ziekten of COPD. Dat wil zeggen dat de zorg die wordt geleverd aan deze patiënten als één zorgprestatie wordt aangemerkt en dus voor één tarief kan worden ingekocht.
De integrale bekostiging is mogelijk gemaakt door een beleidsregel van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), de toezichthouder op de zorgmarkt. De regeling maakt bekostiging van de zorg mogelijk vanaf het moment dat de diagnose bij de patiënt is vastgesteld. De integrale prestatie dekt naast de kosten van de zorgprofessionals ook die van de organisatie van de zorg (inclusief ICT). Bij ketenzorg treedt één zorgaanbieder op als hoofdcontractant naar de verzekeraar. Hij sluit op zijn beurt contracten af met de overige zorgverleners in de zorggroep of keten. De NZa stelt in de beleidsregel dat de hoofdcontractant in ieder geval over de competenties moet beschikken (c.q. deze competenties te hebben gecontracteerd) om basis huisartsgeneeskundige zorg te kunnen aanbieden.
Zonder zorgstandaard geen integrale bekostiging
De regeling van de NZa laat veel ruimte aan zorgaanbieders om de zorg op een eigen manier in te vullen, maar stelt wel eisen aan de inhoud van zorg en het inzichtelijk maken daarvan. De zorg- en dienstverlening moet voldoen aan de zorgstandaarden en aan voorschriften met betrekking tot transparantie en administratie.
Om een zorgstandaard in de volle omvang in de praktijk te gaan toepassen zijn aanvullende afspraken en regelingen nodig. Dergelijke afspraken kunnen desgewenst als annexen aan een zorgstandaard worden toegevoegd.
Zorgstandaarden, integrale bekostiging en het verzekerd pakket
De drie keten dbc’s die momenteel beschikbaar zijn dekken niet alle verzekerde zorg. Bepaalde verzekerde prestaties, zoals geneesmiddelen, eerstelijns diagnostiek (laboratorium, radiologie) en hulpmiddelen, vallen nu nog buiten de keten-dbc’s. Het streven is om deze onderdelen in de toekomst wel mee te nemen.
Daarnaast is het mogelijk dat zorgstandaarden zorg beschrijven die buiten het verzekerd pakket valt, bijvoorbeeld bepaalde preventieve interventies. De samenstelling van het verzekerd pakket wordt jaarlijks vastgesteld door de Minister op advies van het College voor Zorgverzekeringen (CVZ).
Niet alle zorg wordt integraal ingekocht
Momenteel is integrale bekostiging voor drie aandoeningen mogelijk. Het is echter geen verplichting. De effecten van de invoering van de huidige keten dbc’s worden in opdracht van de Minister geëvalueerd door de Evaluatiecommissie Integrale Bekostiging.